Portfolio & Blog
‘Vrouwen zijn van nature vaak wat minder geneigd tot macht grijpen’ kopt Sylvia Witteman in haar Volkskrant column op 24 oktober. Op dezelfde dag in de omgekeerde wereld staat er op de voorpagina van La Nación ´A la Presidenta, todo el poder.´ Dat wil zeggen, alle macht aan de presidente. Weer een mooi synchroon contrast om een maandagochtend over te filosoferen. Over macht, de menselijke natuur en de retoriek der sekseverschillen. Is macht iets dat gegrepen wordt, of wordt het verleend? Is de ´menselijke natuur´ anders in Nederland dan in Argentinië? Kunnen we het wel op wereldschaal hebben over vrouwen of positieve discriminatie?
Wat illustreert dit contrast? Niet de verschillen tussen mannen en vrouwen of culturele diversiteit. Het laat de willekeur zien waarmee we praten over abstracte entiteiten. De manier waarop we informatie uit de lucht vissen. Hoe we zodanig goochelen met woorden dat we volkomen betekenisloze uitspraken doen. Of in ieder geval ver verwijderd van een context die nog enige zin aan onze zinnen zou verlenen. ´Hypertalk´, noemt een cultuurpsychologische collega het. En inderdaad, het is een overdrijving, een overgeneralisatie die alleen maar bestaat bij gratie van een kaartenhuis aan concepten en ideeën waarvan we inmiddels niet eens meer weten waar ze vandaan komen. Wat is ´macht´ tegenwoordig nog? Heeft het nog iets te maken met een enkele heerser(es)? Of zit het zoals Foucault het benaderde in ieder klein hoekje? Democratie is ook niet meer wat het was in klassieker tijden. En ´man´ of ´vrouw´ heeft dat nog wel iets te maken met jagers en verzamelaars? Heeft het gebruik van die termen, de actie bij gratie van die termen, ze inmiddels niet getransformeerd tot een politieke contrapositie? En hoe kan dat nog verwijzen naar de concrete organische interactie, een ontwikkeling op biologisch niveau?
Inderdaad, we zouden een vuistregel op kunnen stellen: alle beweringen ´p is van nature q´ zijn van nature twijfelachtig.
Als ik het zou hebben over hoe er in Nederland op een vrij absolute manier tegen de rest van de wereld aangekeken wordt, top down als het ware, zou ik dan ook hypertalk bezigen, of zou ik een context beschrijven waarin overgeneralisatie tot stand komt? In Argentinië is er net zo goed hypertalk, ook hier vliegen de sekseverschillen je om de oren. Maar er is een groot concreet verschil, waar we verder niets mee hoeven, maar wat wellicht meer verheldert dan gedelibereer over sekseverschillen: met een overweldigende meerderheid werd een vrouwelijke president herkozen. En in Nederland hebben we dat tot op heden nog niet kunnen zeggen.