Arriba, a bajo, al centro y a dentro!

Volcan Pacaya
Nadat we in de verte een felrode lavastroom de vulkaan af zagen komen, vlogen we in een noodvaart naar boven over de zwarte gestolde lava. Niet veel later stonden we op een steenworp afstand van een enorme gloeiende hoop, die zich in onze richting voortbewoog. Echter zo tergend langzaam dat de hele zak marshmellows, vulkanisch geroosterd en wel, verorberd kon worden. Verderop stroomde de lava als gesmolten boter de vulkaanhelling af. Wat een hitte! Ik stond bijna te dansen van enthousiasme, maar een wiebelig blok gestolde lava en een van schrik geslaakte gil toonden aan dat ik het toch ook heel spannend vond. Tussen de wolken en de hete lava, een ontmoeting tussen hemel en hel. Helemaal hyper holde onze groep vulkaanbedwingers in de schemering naar beneden. In de struiken gloeiden de vuurvliegjes.

Semuc Champey
Om de grot te bereiken klommen we langs een prachtige waterval naar boven. In bikini, slechts gewapend met een kaars, waadde ik de grot binnen. Een halve meter boven mijn hoofd keek een vleermuis mij slaperig geïrriteerd aan. Hij vloog weg voordat ik hem aan de anderen kon laten zien. Algauw was het water zo diep dat we moesten zwemmen, met een arm hoog opgeheven boven het water zodat het kaarslicht niet doofde. Een hele rij kaarsjes, weerspiegeld in het donkere water, verlichtte de gewelfde wanden. De gids doofde onze kaarsen en liet ons alleen, om ons even later door een klein gat heen en een waterval op te loodsen. Dan weer klauterend over rotsformaties, dan weer zwemmend, bereikten we een binnenaardse duikplank. Twee meter naar beneden springen in een donkere poel omgeven door koud gesteente bleek veel enger dan verwacht. Ons door een gat van een waterval laten zakken, zonder te weten hoe diep het was daar beneden, was bloedspannend. Dat ik het toch gewoon deed, is volgens mij te wijten aan de enorme hoeveelheden adrenaline. Rillend kwamen we de grot weer uit, om meteen op een schommel hoog boven de rivier heen te zweven en van een acht meter hoge brug de rivier in te springen. Hoewel, dat laatste liet ik aan me voorbijgaan, er waren genoeg angsten overwonnen.
Zuigend op het zoetzure vruchtvlees dat cocoabonen omhulde, klommen we een steile helling naar boven (hoe die maya´s op het idee zijn gekomen om deze pitten uit de vrucht te halen, ze te drogen om er uiteindelijk chocola van te maken verbaast me net zozeer als hoe ze op het idee zijn gekomen om rode besjes te laten drogen en gisten, ze te roosteren, te malen om er uiteindelijk koffie van te maken). Het wegwijsbordje meende dat het 1.2 km was en anderhalf uur zou duren. Een kwartier later stonden we zwetend en hijgend boven, met een onwaarschijnlijk mooi uitzicht over het wereldwonder van Semuc Champey. Ver in de diepte hadden zich groene poelen gevormd op een blok limestone, waar een rivier woest onderdoor stroomde, een natuurlijke brug a.k.a. zwemparadijs. Beneden wachtte het koele bergwater. Bij terugkomst in het houten hutjesparadijs stonden de sterren aan de hemel en gloeiden de vuurvliegjes in het gras.

Categorized Under

Vanuit een hangmat

« Heus niet bang
Marshmellows met vulkaansmaak »

Alles op een rijtje

Fotografía

Ventana al cielo

Encender, apagar

Hay agua caliente

Zwart-wit Schaap

Pichi

Bajo la bandera

Mirando atrás

Garrapiñadas

Greenhost webhosting